scroll naar boven
X

- Over ons -

Wij zijn importeur van ...

BCD  • CanEVER Audio • Deskadel  • Diapason  • Duende Criatura  • Essential Audio Tools  • Fletcher Audio  • Hadcock  • Living Voice • Lyra • Music Tools  • Norma Audio  • Nottingham Analogue • Opera Loudspeakers  • PathosAcoustics  • Phantom Cable  • Rosso Fiorentino  • Synthesis  • The Cartridge Man  • Trichord Research  • Unison Research

- Luidsprekers -

Luidsprekermerken (A t/m L)

Luidsprekermerken (M t/m U)

 
 
Home | buizen > introductie

Een introductie.

Analogue Audio Products is specialist in buizen. Wij importeren buizen uit Rusland, China en Engeland. We leveren nieuw gefabriceerde buizen, maar van sommige modellen hebben we ook mooie new old stock buizen in voorraad. Wij matchen buizen met een eigen, geavanceerde methode, verbeteren de werkingsgraad van enkele types buizen en geven voorlichting over inspelen en levensduur.

Analogue Audio Products levert informatie over buizen, voor­versterker­buizen, eindbuizen, buizendempers, buismatching en upgrades voor eind­versterker­buizen.

N.O.S.

N.O.S. als aanduiding voor een buis betekent New Old Stock. Met deze term worden buizen aangeduid die (ver) voor de tachtiger jaren zijn gefabriceerd maar nooit zijn gebruikt. Soms zijn het zelfs buizen die voor de Tweede Wereldoorlog zijn gemaakt.

Buizen werden in het verleden vooral in militaire apparatuur ingezet. Elektrisch waren ze zeer betrouwbaar en konden veel schokken verdragen, reden waarom ze in communicatieapparatuur, tanks en straaljagers werden toegepast. Ook de eerste computers kregen hun spanning via buizen.

Door de komst van de transistor en de miniaturisering van apparatuur werd de buis overbodig. Wel waren er wereldwijd enorme voorraden van aangelegd. Die voorraden kwamen na een tijdje op de markt, ongebruikt en dus als nieuw: new old stock.

Klankmatig kunnen deze N.O.S. buizen superieur zijn aan de buizen die tegenwoordig nieuw worden geproduceerd. Het marktprincipe is ervoor verantwoordelijk dat voor goede N.O.S.-buizen vaak hoge prijzen gevraagd worden. Een ongewenst bij-effect is dat sommige aanbieders inferieure kopieën of nep-N.O.S.-buizen op het internet aanbieden; een betrouwbare bron is sinds die ontwikkeling nog belangrijker geworden dan een aantrekkelijke prijs.

Adamantes

N.O.S.

Assortiment

Spreekspoel

12au7 ecc82 voorversterkerbuizen

Buizen kopen wij in over de hele wereld bij adressen met wie wij in de loop van de tijd een band hebben opgebouwd. Zo weten we zeker dat we kwaliteit inkopen.

Niettemin gaat de inhoud van elke doos nog dezelfde week door het meetprotocol. Als specialist in buizen hebben we de afgelopen jaren een naam opgebouwd, en die willen we heel graag houden.

Onze 2.0 matchmethode

Misschien heeft u aan prijsvergelijking op het internet gedaan en het kaf van het koren weten te onderscheiden. U heeft het goed gezien: de prijzen van onze buizen zijn veelal hoger dan die van de internetconcurrentie.

Dat komt omdat we niet over hetzelfde product spreken: ook wij leveren gematchte buizen maar onze manier van matchen is superieur.

Voorzover wij weten, meten de andere leveranciers de voorversterkerbuisjes op dezelfde manier als de eindbuizen. In beide gevallen wordt namelijk bij een gegeven instelling de ruststroom gemeten. Voor eindbuizen is dit prima, maar bij voorbuisjes van buizenversterkers vinden wij het echt te weinig om alleen bias- en steilheidsmetingen te doen.

Wanneer is het een echte match?

De kleine voorversterkerbuisjes bestaan bijna altijd uit twee versterkingselementen in één glaskolfje. Meestal zijn ze in stereoversterkers als paartjes ingezet. Omdat het er dus twee-in-één zijn, zijn er eigenlijk vier buishelften tegelijk in werking. De geluidskwaliteit is het beste als bij elk paar van deze buisjes de vier helften exact gelijk meten.
De grote eindversterkerbuizen zijn in stereoversterkers meestal met vier of acht tegelijk ingezet. Zijn het er bijvoorbeeld vier dan zijn de linkse twee voor het linker kanaal en de rechtse twee voor het rechter kanaal. Meten die twee buizen in één kanaal ongelijk van elkaar dan krijg je een vervormd en onprettig geluid. Dus de buizen per kanaal moeten exact gelijk meten. En bovendien:  voor een mooi stereobeeld is het optimaal als ze alle vier exact gelijk meten.

Maar wanneer meten ze dan exact gelijk?

Voor mij meten buizen pas exact gelijk als ze zich tijdens het versterken van de muzieksignalen in uw versterker gelijk gedragen. Dat zijn twee verschillende criteria. Een klasse A-versterker stelt de eindbuizen anders in dan een klasse AB-versterker. Daarom stel ik mijn meetapparaat voor een klasse A-versterker anders in dan voor een klasse AB-versterker. Het versterken van muziek is niet hetzelfde als het versterken van één toon op één geluidssterkte, maar het versterken van een dynamisch geluidsspectrum. Daarom gedragen buizen zich pas gelijk als ze niet in één punt gelijk meten, maar over een groot deel van de versterkingslijn. Om die gelijkheid te bereiken, meet ik de buizen op heel veel verschillende punten, druk grafisch getekende versterkingslijnen af en leg die over elkaar. Alleen als de lijnen elkaar in het relevante gebied volledig overlappen of zeer dicht evenwijdig bij elkaar lopen, is er sprake van een gelijk versterkingsgedrag. Ik noem deze methode Equal Curve Matching (ECM). Als de lijnen mooi evenwijdig lopen, iets verder van elkaar, maar wel binnen een nauwe tolerantie, is het Parallel Curve Matching PCM).
Het zal duidelijk zijn dat deze methode heel veel extra werktijd kost en dat dit in de prijs tot uiting komt. Maar als u hiermee kunt horen wat uw buizenversterker maximaal kan presteren, dan denk ik dat u de extra kosten er graag voor over heeft.

Dynamisch testen

Ons speciaal voor voorbuisjes gemaakt apparaat wordt niet meer gefabriceerd en is inmiddels uniek geworden. Met dit apparaat kunnen we namelijk dynamische tests doen. Anderen voeren alleen de statische meting uit. Wij zien op een nauwkeurige schaal per buishelft het werkelijk uitgangssignaalniveau bij een gegeven input. Alleen op die manier wordt de uitkomst gemeten die wordt bepaald door het complexe geheel van factoren waarmee elke buis op de gegeven instellingen reageert. Met hetzelfde apparaat beoordelen wij de buisjes gehoormatig om ze ook nog te selecteren op ruisniveau en microfonie. Zelfs een vervormingsmeting is mogelijk.

Als u bij een van onze collega's (van het internet) een paartje voorversterkerbuisjes heeft gekocht, zijn maximaal alleen twee statische meetcijfers afgedrukt, namelijk van de ruststroom en de steilheid. Naast de grafische weergave van de versterkerlijnen doe ik dat ook, maar met een bijzonder fijn apparaat doe ik ook nog voor elk kanaal dynamische metingen van versterkingsfactor, ruis, microfonie en kanaalgelijkheid. Dit apparaat is inmiddels uniek, want het is niet meer in productie. Alleen op deze uitgebreide manier wordt de uitkomst gemeten die wordt bepaald door het complexe geheel van factoren waarmee elke buis op de gegeven instellingen reageert. Voorbuisjes die met de statische en de dynamische metingen op vijf parameters binnen een nauwe tolerantie gelijk of vrijwel gelijk presteren, krijgen het predicaat First & Ultimate Selection (FUS).

Uit een grote partij voorversterkerbuisjes kunnen met bovenstaande methodes een beperkt aantal matched pairs met FUS en ECM of PCM geselecteerd worden. Voor deze buizen wordt een hogere prijs gevraagd. Wat er overblijft en volgens de gebruikelijke algemene standaard als matched pair kan worden aangemerkt, is nog steeds voor de hifi een heel mooi alternatief.

Maar goed, terug naar onze werkwijze vab FUS, ECM of PCM: Als het nodig is, worden bij n.o.s. buisjes de pootjes eerst behandeld met Deoxit en daarna met alcohol. In veel gevallen worden daarna de pootjes voorzien van mijn eigen mengsel van contactolie met minuscule zilverdeeltjes.

In tegenstelling tot sommige andere contactverbeteraars heeft mijn mengsel niet de eigenschap om langzaam van geleider in isolator te veranderen.
In voorversterkers en eindversterkers kan het voorkomen dat één buisje is ingezet voor versterking van beide stereokanalen. In zo'n geval is het voor een perfect stereobeeld onontbeerlijk om een buisje met minimaal FUS of nog beter PCM of ECM te bestellen. De beide buishelften presteren dan exact gelijk.

Dit is enigszins te vergelijken met het comfortabele rijgedrag van perfect uitgelijnde en gebalanceerde autowielen en –banden, mits ook alle andere buizen op het apparaat met mijn uitgekiende selectiemethodes zijn aangeschaft, uiteraard.

Er is nog veel meer te vertellen

Over matchen & upgraden hebben we daarom nog een aparte pagina gemaakt:

Spreekspoel

een setje gematchte buizen

Onze meerwaarde

Adamantes

Buizen op bedrijfstemperatuur

Matchen en upgraden van buizen voor buizenversterkers

  1. Bij Analogue Audio Products meten en matchen we zoals boven beschreven. De prijzen zijn per stuk, en dus niet per paar. De standaardmatching is bij de prijs inbegrepen. Bij FUS, ECM en PCM gelden toeslagen. Bij aanschaf van één buis is het bij voorversterkerbuisjes belangrijk dat de buis geselecteerd wordt op gelijkversterkende buishelften.
  2. Wij hebben procedé's ontwikkeld waarmee we de prestaties van voorversterkerbuizen en eindversterkerbuizen kunnen verbeteren. Bij voorverstererkbuizen zijn dit FUS en ECM/PCM. Bij eindversterkerbuizen zijn dit ECM/PCM en SPC.

Hoorbaar en meetbaar beter

Door Analogue Audio Products geleverde buizen voor buizenversterkers verschillen hoorbaar en meetbaar met door anderen geleverde buizen. MSPC-behandeling voor bijvoorbeeld de KT88 geeft meer definitie in het laag en betere weergave van de bovenharmonischen. Je kunt het het beste horen met klassieke symfonische werken (pauken en fluiten), en piano en strijkkwartetten.

Alle bovengenoemde eigenschappen maken dat onze buizen wel wat duurder zijn dan die van de meeste internetaanbieders. De internetaanbieder kunt u meestal niet even opbellen om uw vragen te stellen.

Veelgestelde vragen

 

Nieuwe buizen werken direct al, maar met een beetje aandacht maken ze een betere start en klinken ze later iets mooier.

Het belangrijkste onderdeel in de buis is de kathode. Die produceert na opwarmen een elektronenwolk waarmee de andere onderdelen in de buis de muzieksignalen kunnen versterken. Hoe mooier en hoe dichter de elektronenwolk, hoe mooier ook het geluid.

 

Niet te lang in het begin

Het activeren van de kathode gebeurt het beste als je in het begin de nieuwe buizen niet te lang laat branden en als je ze regelmatig weer laat afkoelen. Dus juist door opwarmen en vooral door langzaam weer helemaal
afkoelen, wordt de kathode actiever.

 

Tip

Het is nooit goed voor buizen en apparatuur om snel achter elkaar aan- en uitgezet te worden. Voor het activeren van de kathode kun je het beste het apparaat minimaal een kwartier tot maximaal een uur aan laten staan en steeds tot maximaal een half uur uit laten staan.

Dit in totaal 10 tot 20 keer herhalen is voldoende.

Voor het activeren van de kathode is muziek spelen niet nodig. Maar het is begrijpelijk dat je niet 20 keer een halfuur wil wachten tot je eindelijk eens mag horen hoe het klinkt.

En de metalen onderdeeltjes waar muzieksignaal doorheen gaat, gaan zich alleen beter formeren als er juist wel muziek gespeeld wordt. Dus bijvoorbeeld eerst een kwartier tot een halfuur één keer opwarmen en afkoelen zonder geluid, en daarna bij de volgende activeersessies wel muziek spelen maar niet te luid. Op het eind steeds luider is juist goed.

Dat is eigenlijk wel een van de meest aan mij gestelde vragen: "hoe lang gaan de buizen mee?" Men hoopt op een simpel en duidelijk antwoord, zoals: 5000 uur. Eigenlijk wil men weten: hoe vaak moet ik de buizen vervangen en hoeveel kost me dit?

Een simpel en juist antwoord zou zijn: we weten het niet. Maar aan zo'n antwoord heb je niets.

Een beetje flauw maar wel raak antwoord zou zijn: 'het hangt ervan af hoe vaak en hoe lang achter elkaar je het apparaat gebruikt.'

Een goed advies is daarom: gebruik je apparaat voor muziek en niet om de kamer te verwarmen. Zet je buizenversterker 5 of maximaal 15 minuten van tevoren aan. Dus niet uren van tevoren omdat dit nog een tikje beter klinkt. Een buizenversterker is snel warm en klinkt al na een korte opwarmtijd heel goed (dit in tegenstelling tot een transistorversterker die er minstens een uur over doet).

  • Ga je even een halfuurtje wat anders doen, laat dan je versterker lekker op temperatuur blijven.
  • Ga je het huis uit of naar bed, zet hem dan uit.

Voor een zinniger antwoord op de vraag over de levensduur van buizen moeten we eerst weten welke onderdelen in de buis kunnen slijten. Dit zijn:

  1. gloeidraad
  2. kathode
  3. verbindingen
  4. glas en vacuüm
  5. getter

 

1. Gloeidraad

Het branden van de gloeidraad is wat we zien in de buis. De meeste mensen denken waarschijnlijk dat dit het geluid maakt of versterkt. Dat is niet zo. Het gloeien dient om de kathode te verhitten, zodat die elektronen gaat uitstoten. We kunnen wel zeggen dat als de gloeidraad minder gaat gloeien of stopt met gloeien, de levensduur van de buis voorbij is. De buis waarin de gloeidraad langzaam uitdooft, moet ik nog tegenkomen.

Een enkele keer gaat de gloeidraad stuk door een onderbreking. Als dit gebeurt bij een nieuwe of kort gebruikte buis, is dit eigenlijk een fabricagefout. Als het gebeurt bij een veelgebruikte buis, komt het doordat de draad door de hitte zwakker is geworden.

Conclusie: de meeste buizen blijven wel gloeien.

 

2. De kathode

De kathode is het hart van de buis. Als de kathode ophoudt met elektronen emitteren (uitstoten), dan is de buis versleten. De kathode is een nikkelen buisje dat om de gloeidraad heen zit. Op dit buisje is een goedje aangebracht, meestal bariumoxide, dat bij verhitting door de gloeidraad elektronen gaat uitstoten. Die elektronen worden aangetrokken door de hoogspanning op de anode. Daardoor ontstaat de elektronenstroom die we kunnen gebruiken om de muzieksignalen te versterken.

Eigenlijk is het wonderlijk dat het dunne laagje bariumoxide op de kathode zoveel branduren door kan gaan met het emitteren van elektronen. Maar dit hangt er wel van af hoe hard de anode de vrije elektronen uit de kathode aantrekt. Voor beter geluid gebruiken we in de high end een hogere anodespanning. Dat trekt meer elektronen uit de kathode en verkort de levensduur van de buis. De ingenieur die je buizenversterker heeft ontworpen, heeft dus tegelijkertijd ook bepaald hoe hard je buizen slijten.

In het algemeen zullen de eindversterkerbuizen bij een klasse A-instelling eerder versleten zijn dan bij een klasse AB-instelling. Bij een klasse AB-instelling worden de eindversterkerbuizen vrijwel altijd ingesteld met potmetertjes in het apparaat. De fabrikant kiest vaak een zo hoog mogelijke ruststroom- ofwel biasinstelling, omdat het uitgangsvermogen dan wat hoger is en de versterker dan misschien beter verkoopt.

Zelf stel ik de rustroom liever wat zuiniger in, omdat dit de levensduur van de buizen en de betrouwbaarheid van de versterker vergroten.

Een eenduidig antwoord op de vraag hoe lang de kathode blijft werken, kan dus niet gegeven worden. In het algemeen kan wel gezegd worden dat, afhankelijk van de instelling door de ontwerper, in kleine buizen de kathode beduidend langer mee kan gaan dan in grote buizen. Dit komt omdat de grote buizen harder moeten werken om voldoende vermogen aan de luidsprekers te kunnen leveren.

In kleine buizen zoals de ECC88 kan de kathode wel 5000 uren blijven werken. Bij longlife buisjes zoals de E88CC kan het zelfs tot 10.000 uur zijn. Bij grote buizen zoals EL34 en KT88 kan het afhankelijk van de instelling variëren tussen 750 uur (hoge klasse A), 1500 uur (rustiger klasse A en straffere klasse AB), of nog langer (rustiger klasse AB).

Tot slot wil ik over de kathode nog een veel gehoorde misvatting recht zetten. Beginners met een buizenversterker zijn vaak bang dat de buizen op de helft van hun levensduur al minder goed gaan klinken en dat dit jammer is, want de buizen kunnen nog een flinke tijd spelen, maar dan moet je wel een wat slapper geluid voor lief nemen. Dit is gelukkig niet waar. De kathode blijft evenveel en even sterk emitteren tot vrijwel aan het einde van de levensduur. Het is bijna net als bij een tank met autobrandstof. Als die leeg raakt, sputtert het nog even en dan sta je stil.

 

3. Verbindingen

In de buizen zitten veel verbindingen tussen de pootjes en de elektroden. Deze lasjes blijven over het algemeen altijd heel, maar een enkele keer gaat een verbinding wel eens stuk door het uitzetten en inkrimpen als gevolg van het opwarmen en weer afkoelen. Daarom is het niet verstandig om een buizenversterker voor korte tijd eventjes uit te zetten. Ga je even een boterham maken of koffie zetten, laat je musical box dan aan staan.

Een enkele keer zal een buis vroegtijdig stoppen met werken als een lasje stuk gaat.

 

4. Glas en vacuüm

Net als bij een gloeilamp is het binnenste van de buis luchtledig. Bij de productie van de buis is alle lucht eruit gezogen tot een zo hoog mogelijk vacuüm. Hoe hoger het vacuüm, hoe langer de gloeidraad en de kathode blijven leven. Het glas houdt de lucht buiten. Als het glas minder luchtdicht wordt, loopt het vacuümgehalte terug en gaat de buis sneller (vaak heel snel!) slijten.

De reden? De pootjes waarmee de buis is aangesloten steken door het glas. Door uitzetten en inkrimpen van het glas als gevolg van opwarmen en weer afkoelen, kunnen er vooral bij de pootjes en het voetje die een andere uitzettingscoëfficiënt hebben, kleine haarscheurtjes ontstaan. Hierdoor kan de buis eerder overlijden dan de kathode eigenlijk toelaat.

Dus weer het zelfde advies: niet onnodig je versterker voor korte tijd uit- en aanzetten. Een buis die lek is geraakt, is meestal wit uitgeslagen. Het deel van het glas met aan de binnenkant een zilveren laagje is wit of transparant geworden. Als zo'n buis in het apparaat blijft, verbrandt hij heel snel en kan er ook iets in het apparaat stuk gaan. Hierdoor is het verstandig om niet te lang met oude buizen door te spelen. Een buis kan vroegtijdig stoppen met werken als er een lekje komt in het glas.

 

5. Getter

Elke buis heeft een getter. Dit is een metalen ring die gemaakt is van een speciale legering. Omdat de getter is verbonden met de anode van de buis en dus ook onder hoogspanning staat, zal de getter door zijn legering, verontreinigingen uit het vacuüm aantrekken en inhaleren en dus de buis van binnen schoon houden. Kenners zeggen wel: 'een buis leeft zo lang als de getter toelaat'.

De levensduur van de buis is dus vooral gelimiteerd door de kwaliteit en de levensduur van de kathode, de getter en het glas. Maar ook door mogelijke defecten in de buis, zoals een losgelaten verbinding of als hierdoor een kortsluiting tussen twee of meer elektrodes ontstaat.

Vroeger gingen audiobuizen veel langer mee dan tegenwoordig. Je zou denken dat dit komt doordat ze vroeger betere buizen maakten. Maar dat is niet de reden. De oorzaak is dat vroeger de buizen in radio's en tv's veel 'rustiger' ingesteld waren, omdat een lange levensduur een van de hoofddoelen was. In de high end apparatuur van tegenwoordig is een van de hoofddoelen: een zo goed mogelijk geluid. Daarvoor hebben we voor de buizen een instelling nodig waarbij door de buizen een hogere stroom loopt. Die stroom moet gegenereerd worden door de kathode. Als we door een hogere instelling de kathode meer elektronen laten emitteren, zal de kathode eerder 'leeg' raken.

Buizen kunnen er dus mee ophouden door:

  1. een voortijdig ongelukje: er is iets stuk gegaan in de buis, of door:
  2. helemaal versleten te zijn.

Hoe lang de buizen meegaan kan per versterkertype of merk verschillen. Voor de volledigheid voeg ik toe dat de levensduur van de buizen ook afhankelijk is van de kwaliteit van versterker. Als een component in de versterker stuk gaat, kan hierdoor de buisinstelling buiten zijn specificaties komen en kan de buis in heel korte tijd doorbranden en overlijden. Een goedkope buizenversterker of een slecht onderhouden occasion kan je veel buizen kosten.

Conclusie: helaas is dus niet kort en eenduidig te zeggen, hoe lang buizen meegaan. Behoudens ongelukjes en voortijdige defecten, is mijn ervaring dat bij normaal gebruik de grote buizen 3 tot 5 jaar goed blijven en de kleine buisjes wat langer, bijvoorbeeld 4 tot 6 jaar. Om problemen voor te zijn, kun je de grote buizen elke 3 jaar vervangen en de kleine buisjes voor het gemak dan ook, of ze om de 5 of 6 jaar vervangen. Door de slijtage van de buizen, kost de buizenversterker wat meer dan de transistorversterker, maar… 'Daarom klinkt hij zo goed …'. En je krijgt er iets moois voor terug.

Happy listening!

Documentatie & meer info

home | cookiebeleid & disclaimer | print deze pagina | scroll omhoog